Zondeval

In Genesis 3:1-24 lezen we over de eerste zonde. Vers 6: "En de vrouw zag, dat de boom goed was om van te eten, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, dat de boom begeerlijk was om daardoor verstandig te worden, en zij nam van zijn vrucht en at, en zij gaf ook haar man, die bij haar was, en hij at."

De zonde hier was niet zozeer het eten van de vrucht van de boom. Het gebod was overtreden, en dát was de zonde: de ongehoorzaamheid of opstand tegen God. De mens wilde "net als God zijn". Hierdoor verloor de mens de omgang met God, werd "uit het Paradijs verdreven" en werd sterfelijk.

De dood is dan ook het resultaat én symbool van de zonde. Deze dood wordt van mens op mens doorgegeven. Zoals sommigen wel eens zeggen: "een mens wordt geboren om te sterven". Dit sterfelijk zijn is hét teken en bewijs dat de mens erfelijk belast is met de zonde, ook wel erfzonde genoemd.

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License